Het begin: een vlek op het linnen van het geheugen
Het begon op 7 november 2022. Niet met fanfare. Niet met een schokgolf. Maar met een gevoel. Een vlek op het linnen van het geheugen. Een moment waarop cultuur – ineens – weer kleur kreeg. De eerste zes weken van mijn kaartenboek “Het Beeldenrijk” waren zoekend, aarzelend bijna. Mijn doel was aanvankelijk niet helder; het idee trok me aan, maar de uitvoering voelde al snel als een dagelijkse verplichting. Iedere dag koos ik twee kaarten uit mijn immense verza-meling en poste die op Facebook en Instagram, zonder te weten waar dit toe zou leiden. Het was een intuïtief proces, meer een daad van dis cipline dan van inspiratie. Mijn teksten waren nog fragmentarisch, losse flarden van gedachten, associaties zonder duidelijke samenhang. Maar terwijl ik doorging, begon er iets te veranderen.
Wat begon als notitie werd dagboek, wat dagboek werd, groeide uit tot een landschap — een archief van ogenblikken. Maar dit is geen einde.
Iedere ochtend opnieuw leg ik twee kaarten vast. Beelden die schuren, botsen, zich verhouden, soms stilzwijgend één geheel vormen. Het is alles of niets. Wat doen we met beelden die ons bang maken en niets lijken op te leveren? We kijken. We hangen ze op. We stellen ze tentoon. Omdat ook angst gezien wil worden. Omdat iedere kaart, net als ieder mens, misschien pas betekenis krijgt door er aandachtig naar te kijken. Omdat iedere kaart iets te vertellen heeft. Omdat aan elke kaart een herinnering kan hangen.
Aan het eind van iedere week schrijf ik een zondagtekst naar aanleiding van de veertien kaarten van de week. Beschrijvend, verklarend, toelichtend, analyserend, associërend. Vaak met een link naar de actualiteit van die week.